Twee bedrijven kunnen allebei €100 miljoen winst maken en toch een heel andere winst per aandeel hebben. Als het ene bedrijf 50 miljoen aandelen heeft uitstaan en het andere 200 miljoen, komt dezelfde totale winst neer op respectievelijk €2,00 en €0,50 per aandeel.
Dat maakt meteen duidelijk wat EPS wel en niet meet. Winst per aandeel, internationaal meestal earnings per share of EPS genoemd, brengt de winst terug naar één aandeel. Het cijfer zegt daarmee iets anders dan de totale nettowinst van een onderneming. Een hogere EPS betekent echter niet automatisch dat een aandeel aantrekkelijker, goedkoper of minder riskant is.
Hoe winst per aandeel wordt berekend
Bij basic EPS wordt de winst die aan gewone aandeelhouders toekomt afgezet tegen het gewogen gemiddelde aantal gewone aandelen dat gedurende de verslagperiode uitstond. In eenvoudige vorm kun je de berekening lezen als: winst voor gewone aandeelhouders gedeeld door het gemiddelde aantal uitstaande aandelen.
Dat gewogen gemiddelde is belangrijk. Een onderneming kan gedurende het jaar nieuwe aandelen uitgeven of juist aandelen inkopen. Alleen naar het aantal aandelen op de laatste dag van het boekjaar kijken, kan daardoor een vertekend beeld geven.
De IAS 33 van de IFRS Foundation beschrijft de regels voor de berekening en presentatie van earnings per share. De standaard maakt onder meer onderscheid tussen basic EPS en diluted EPS en gebruikt voor de noemer het gewogen gemiddelde aantal uitstaande aandelen.
Winst per aandeel in een rekenvoorbeeld
Stel dat een onderneming €120 miljoen winst heeft die aan gewone aandeelhouders toekomt. Gemiddeld stonden gedurende het jaar 60 miljoen aandelen uit. De basic EPS bedraagt dan €2,00.
Blijft de winst een jaar later €120 miljoen, maar stijgt het gewogen gemiddelde aantal aandelen naar 75 miljoen, dan daalt de EPS naar €1,60. De totale winst is niet verslechterd. Er zijn alleen meer aandelen waarover die winst wordt verdeeld.
Daarom is een verandering in EPS pas goed te begrijpen als je zowel de winst als het aantal aandelen bekijkt.
Waarom het aantal aandelen zoveel verschil maakt
EPS kan stijgen terwijl de totale winst gelijk blijft. Stel dat een bedrijf €100 miljoen verdient en 100 miljoen aandelen heeft. De winst per aandeel is dan €1,00.
Koopt het bedrijf aandelen in en daalt het gemiddelde aantal uitstaande aandelen naar 90 miljoen, terwijl de winst €100 miljoen blijft, dan stijgt de EPS naar ongeveer €1,11. Dat is ruim 11% meer winst per aandeel zonder dat de onderneming één euro extra winst heeft gemaakt.
Het omgekeerde kan gebeuren bij de uitgifte van nieuwe aandelen. Een bedrijf kan meer winst maken, maar toch een vlakke of dalende EPS rapporteren wanneer het aantal aandelen sneller stijgt dan de winst. Alleen naar de procentuele EPS-groei kijken is daarom niet genoeg.
Basic EPS en diluted EPS zijn niet hetzelfde
Basic EPS kijkt naar de gewone aandelen die daadwerkelijk meetellen in de verslagperiode. Diluted EPS houdt daarnaast rekening met potentiële gewone aandelen die de winst per aandeel kunnen verwateren, bijvoorbeeld door bepaalde opties, warrants of converteerbare instrumenten.
IAS 33 verlangt bij ondernemingen waarop de standaard van toepassing is dat basic EPS en diluted EPS beide worden gepresenteerd. De IFRS Foundation omschrijft dilution als een mogelijke daling van EPS wanneer potentiële gewone aandelen worden meegenomen.
Wat diluted EPS zichtbaar maakt
Stel dat basic EPS €2,00 bedraagt en diluted EPS €1,80. Het verschil laat zien dat potentiële extra aandelen de winst per aandeel zouden kunnen verlagen volgens de aannames van de berekening.
Dat betekent niet dat al die aandelen daadwerkelijk worden uitgegeven. Diluted EPS is vooral nuttig omdat het laat zien dat de huidige basic EPS niet het enige relevante cijfer is wanneer er instrumenten bestaan die tot extra aandelen kunnen leiden.
Bij twee ondernemingen met dezelfde basic EPS kan de onderneming met een duidelijk lagere diluted EPS daarom een ander verwateringsprofiel hebben.
EPS vormt ook de basis van de koers-winstverhouding
Winst per aandeel krijgt meer betekenis wanneer je het cijfer koppelt aan de beurskoers. De koers-winstverhouding wordt in de basis berekend door de beurskoers te delen door de winst per aandeel.
Een aandeel van €40 met een EPS van €2 heeft bijvoorbeeld een koers-winstverhouding van 20. Daalt de EPS naar €1,60 terwijl de beurskoers €40 blijft, dan stijgt die verhouding naar 25.
Daarmee wordt ook zichtbaar waarom een hoge EPS op zichzelf weinig zegt over waardering. Een onderneming met €5 winst per aandeel kan duurder gewaardeerd zijn dan een onderneming met €2 winst per aandeel als de beurskoers in verhouding nog sterker verschilt.
Kun je EPS tussen bedrijven vergelijken?
De absolute winst per aandeel van twee ondernemingen rechtstreeks naast elkaar zetten heeft meestal beperkte waarde. Het aantal uitstaande aandelen verschilt per bedrijf en is op zichzelf geen maatstaf voor de omvang of kwaliteit van de onderneming.
Ook de beurskoers, sector, kapitaalstructuur en ontwikkeling van de winst spelen mee. Een EPS van €4 is daarom niet automatisch beter dan een EPS van €1. Het belangrijkste is welke vraag je met het cijfer probeert te beantwoorden.
Voor ontwikkeling door de tijd kan EPS juist nuttig zijn. Je kunt bijvoorbeeld bekijken of de winst per aandeel over meerdere jaren stijgt en vervolgens nagaan waar die stijging vandaan komt: hogere ondernemingswinst, minder uitstaande aandelen of een combinatie daarvan.
Vergelijk je meerdere bedrijven, gebruik dan dezelfde verslagperiode en let erop dat je niet de basic EPS van het ene bedrijf naast de diluted EPS van het andere zet.
Gerapporteerde EPS en verwachte EPS vragen om onderscheid
In jaar- en kwartaalcijfers gaat het om gerealiseerde resultaten over een afgesloten periode. Op financiële websites kom je daarnaast vaak verwachte of forward EPS tegen. Dat cijfer is gebaseerd op ramingen voor een toekomstige periode en heeft daardoor een andere betekenis.
Een gerapporteerde EPS is geen voorspelling. Een verwachte EPS is juist geen gerealiseerd resultaat. Door die twee door elkaar te halen kan een vergelijking nauwkeurig lijken terwijl de gebruikte cijfers inhoudelijk niet hetzelfde meten.
Ook bij groeipercentages is dat onderscheid belangrijk. Een gerealiseerde stijging van EPS is iets anders dan een verwachting dat de winst per aandeel volgend jaar zal stijgen.
Kijk bij EPS-groei naar teller én noemer
Een stijgende winst per aandeel is pas goed te beoordelen wanneer duidelijk is waardoor die stijging ontstaat. Hogere bedrijfswinst kan de teller verhogen. Aandeleninkoop kan de noemer verlagen. Nieuwe aandelen kunnen de noemer juist vergroten.
Daarnaast kan de gerapporteerde winst beïnvloed worden door incidentele baten, afboekingen, belastingeffecten of andere posten die niet ieder jaar terugkeren. EPS geeft dus een compacte uitkomst, maar de oorzaken achter die uitkomst blijven belangrijk.
Wie alleen ziet dat EPS met 15% is gestegen, weet nog niet of de onderliggende activiteiten eveneens met ongeveer 15% zijn verbeterd. Daarvoor moet je verder kijken naar de winstontwikkeling, omzet, marges, kasstromen en veranderingen in het aantal aandelen.
De grootste interpretatiefout bij winst per aandeel
De belangrijkste fout is EPS behandelen als een zelfstandig oordeel over een aandeel. Het cijfer beantwoordt vooral de vraag hoeveel winst in een bepaalde periode per aandeel beschikbaar was volgens de gebruikte berekening.
EPS vertelt niet rechtstreeks of een aandeel goedkoop is, hoeveel risico je loopt of welk rendement je kunt verwachten. Zelfs een sterke stijging van de winst per aandeel kan uit verschillende oorzaken ontstaan.
Gebruik winst per aandeel daarom als bouwsteen. Controleer welk EPS-cijfer je bekijkt, vergelijk basic en diluted EPS, kijk naar de ontwikkeling van winst én aandelen en plaats het resultaat daarna pas in de context van waardering en de overige financiële cijfers.