Boekwaarde per aandeel wordt soms behandeld alsof het cijfer laat zien wat één aandeel werkelijk waard is. Dat is te eenvoudig. Het getal laat zien hoeveel boekhoudkundig eigen vermogen aan één gewoon aandeel toekomt, terwijl de beurskoers ook verwachtingen over winst, groei, risico en toekomstige kasstromen verwerkt.
Daarom kan boekwaarde per aandeel nuttig zijn, maar alleen wanneer duidelijk is wat er precies in het eigen vermogen zit en hoe goed dat aansluit op de economische waarde van het bedrijf.
Wat betekent boekwaarde per aandeel?
In de eenvoudigste vorm deel je het eigen vermogen dat aan gewone aandeelhouders toekomt door het aantal uitstaande gewone aandelen. De uitkomst is de boekwaarde per aandeel.
Stel dat een onderneming €500 miljoen aan bezittingen op de balans heeft en €320 miljoen aan verplichtingen. Dan resteert €180 miljoen eigen vermogen. Bij 60 miljoen uitstaande aandelen komt dat neer op €3,00 boekwaarde per aandeel.
De balans vormt hierbij het uitgangspunt. In de uitleg van de SEC over financiële overzichten wordt de bekende balansvergelijking beschreven: bezittingen zijn gelijk aan verplichtingen plus aandeelhoudersvermogen. Boekwaarde per aandeel brengt dat aandeelhoudersvermogen terug naar één aandeel.
Dat betekent niet dat een aandeel voor €3,00 verkocht zou kunnen worden als het bedrijf morgen wordt opgeheven. Balanswaarden zijn boekhoudkundige waarden en kunnen afwijken van de prijs die bezittingen bij verkoop werkelijk opleveren.
Perspectief 1: boekwaarde geeft een bruikbaar balansanker
Het sterke punt van boekwaarde per aandeel is dat het cijfer niet rechtstreeks meebeweegt met dagelijkse beurskoersen. De beurskoers kan binnen een week sterk stijgen of dalen, terwijl de boekwaarde veel geleidelijker verandert.
Daarom geeft het cijfer een ander perspectief dan marktwaarde. Het laat zien welk deel van het nettovermogen volgens de boekhouding aan ieder aandeel kan worden toegerekend. Vooral bij ondernemingen waarvan veel waarde zichtbaar op de balans staat, kan dat een bruikbaar startpunt zijn.
Denk bijvoorbeeld aan bedrijven met grote financiële activa, vastgoed, machines of andere bezittingen die een belangrijk deel van de onderneming vertegenwoordigen. Ook bij banken speelt boekwaarde vaak een grotere rol in de analyse dan bij bedrijven waarvan de waarde vooral voortkomt uit software, merken, data of andere moeilijker meetbare immateriële factoren.
Boekwaarde per aandeel kan bovendien helpen om veranderingen in het eigen vermogen te volgen. Winst die in de onderneming blijft, dividenduitkeringen, afboekingen, nieuwe aandelen en aandeleninkoop kunnen allemaal invloed hebben op de boekwaarde per aandeel.
Perspectief 2: boekwaarde is geen taxatie van de onderneming
De zwakke kant van boekwaarde ontstaat wanneer de balans maar een beperkt beeld geeft van de economische waarde.
Een sterk merk kan bijvoorbeeld veel waard zijn zonder dat die waarde volledig als afzonderlijk bezit op de balans staat. Hetzelfde geldt voor zelf ontwikkelde software, klantrelaties, kennis, data en bepaalde intellectuele eigendomsrechten. Bij zulke ondernemingen kan de beurswaarde veel hoger zijn dan de boekwaarde zonder dat dat op zichzelf betekent dat het aandeel te duur is.
Het omgekeerde kan eveneens voorkomen. Een bedrijf kan een hoge boekwaarde hebben, terwijl bepaalde bezittingen weinig rendement opleveren of later moeten worden afgewaardeerd. In dat geval kan een lage beurskoers ten opzichte van de boekwaarde juist wijzen op twijfel over de kwaliteit of winstgevendheid van die bezittingen.
Daarom is de vraag niet alleen hoeveel eigen vermogen er op de balans staat, maar ook wat dat vermogen economisch kan opleveren.
Boekwaarde per aandeel en de beurskoers
Door de beurskoers te delen door de boekwaarde per aandeel ontstaat de koers-boekwaardeverhouding, vaak aangeduid als price-to-book of P/B.
Een koers-boekwaardeverhouding van 1 betekent dat de beurskoers gelijk is aan de boekwaarde per aandeel. Bij een verhouding boven 1 waardeert de markt het aandeel hoger dan de boekwaarde. Onder 1 ligt de beurskoers juist onder het boekhoudkundige eigen vermogen per aandeel.
Daaruit volgt nog geen koop- of verkoopsignaal. Een hoge verhouding kan passen bij een onderneming die een hoog rendement op het eigen vermogen behaalt of waarvoor sterke winstgroei wordt verwacht. Een lage verhouding kan aantrekkelijk lijken, maar ook samenhangen met zwakke winstgevendheid, slechte activa of onzekerheid over toekomstige resultaten.
Vergelijken heeft daarom vooral zin tussen bedrijven waarvan bedrijfsmodel, balans en sector voldoende op elkaar lijken.
Boekwaarde is iets anders dan winst per aandeel
Boekwaarde per aandeel en winst per aandeel gebruiken allebei één aandeel als rekeneenheid, maar meten iets anders.
De boekwaarde is een momentopname van het eigen vermogen op de balans. De winst per aandeel laat juist zien hoeveel winst gedurende een bepaalde periode aan ieder aandeel kan worden toegerekend.
Een onderneming kan dus een hoge boekwaarde per aandeel hebben en tegelijkertijd weinig winst maken. Andersom kan een bedrijf met relatief weinig boekhoudkundig eigen vermogen juist zeer winstgevend zijn.
Voor aandelenanalyse vullen beide cijfers elkaar daarom eerder aan dan dat het ene het andere vervangt.
Wanneer zegt boekwaarde per aandeel het meest?
Boekwaarde per aandeel is vooral informatief wanneer de balans een redelijk beeld geeft van de middelen waarmee het bedrijf zijn rendement verdient. Hoe groter de rol van moeilijk meetbare immateriële waarde, toekomstige groei of specifieke boekhoudkundige waarderingen, hoe voorzichtiger het cijfer moet worden geïnterpreteerd.
Ook de ontwikkeling door de tijd kan belangrijker zijn dan één losse stand. Een stijgende boekwaarde per aandeel kan wijzen op groei van het eigen vermogen, maar ook veranderingen in het aantal aandelen, aandeleninkoop, uitgiftes of waarderingsaanpassingen kunnen het cijfer beïnvloeden.
Kijk daarom naast boekwaarde ook naar winstgevendheid, schulden, kasstromen, rendement op eigen vermogen en veranderingen in het aantal aandelen. Pas dan wordt duidelijk of de balanswaarde daadwerkelijk iets zegt over de kwaliteit van de onderneming.
De belangrijkste onzekerheid blijft economische waarde
Boekwaarde per aandeel geeft een controleerbaar boekhoudkundig vertrekpunt. Het vertelt hoeveel eigen vermogen volgens de balans achter één aandeel staat, maar niet hoeveel dat aandeel uiteindelijk op de beurs waard zou moeten zijn.
De bepalende onzekerheid is hoe goed de balanswaarden de economische werkelijkheid benaderen. Bij sommige ondernemingen ligt dat verband vrij direct. Bij andere bedrijven zit juist een groot deel van de waarde in toekomstige winst, kennis, merken of technologie die maar beperkt in de boekwaarde zichtbaar wordt. Daarom is boekwaarde vooral nuttig als onderdeel van een bredere analyse, niet als zelfstandig oordeel over een aandeel.